Duik 255 & 256: dinsdag 29 juni 2004
Liveaboard Zeeland

Een prachtige zondag was het, iedereen was vroeg uit de veren met maar één gedachte: Finding Nemo en zelfs Peter Fokkinga wist, na een kleine sightseeing door prachtig Brussel en omstreken het tot een happy end brengen en vond Nemo ook daadwerkelijk.

Een aantal mensen was ziek of niet lekker genoeg voor een duik en waren dus niet gekomen en maar nog altijd 30 man stonden in een ietwat vroeg maar heerlijk lentezonnetje te wachten tot de onze zuiderburen het moment gekomen achtten om de deuren open te gooien. De Belgen staan over het algemeen bekend als een joviaal en vriendelijk volk en dus moet de conclusie bijna zijn dat de dame achter de kassa een buitenlandse moet zijn: vriendelijk keek ze niet en joviaal was ze al helemaal niet: het ontbreken van de NOB sticker voor 2005 (omdat die nooit voor einde februari worden verspreid) deed de toegangsprijs in één klap met 20% stijgen. Ze liep een beetje mank en omdat ik bang was dat dat misschien wel kwam van de vorige groep die ze eruit geschopt had, lieten we het er maar bij zitten. Na een uitermate efficiënt verlopen toegangsprocedure waren we dan eindelijk binnen. Het restaurant in de entree was mooi opgezet. Achter de dikke ramen lonkte het diep blauwe water en op een bord stond geruststellend  een display met de watertemperatuur: 33°.

Na een bakje koffie of anderszins konden we naar de kleedkamers waarbij de strenge kassadame het volk in twee groepen splitste: vrouwen en kinderen links en jullie daar rechts en vergeet niet: gelijk onder de douche. Als (ex)leraar Geschiedenis bekroop mij een vaag gevoel van ongerustheid over deze selectieprocedure maar een snelle en voorzichtige controle van de douches leverde gelukkig een straal water op…

Aan de rand van het zwembad werd een korte en niet te volgen uitleg gegeven over wat wel en niet mocht. Waar het op neer kwam was dat we ons even in mochten zwemmen zonder uitrusting waarbij als enige beperking gold dat je niet mocht vrijduiken boven het diepe gat dat zich links in de hoek van het zwembad bevond, bijgaande foto van Remco moet dan ook wel haast een trucfoto zijn. Dat Remco wel meer last heeft met het accepteren van autoriteit mag wel blijken uit het feit dat hij de gore moed had om met zijn mooie, nieuwe aangeschafte, externe flitser te water wilde gaan. Iedereen weet dat dat levensgevaarlijk is dus kreeg hij de kampleiding over zich heen. Toen, na een kleine doch heftige discussie, duidelijk werd dat zij ook niet helemaal begrepen waar het verbod op externe flitsers voor diende mocht hij gelukkig als nog met zijn nieuwe speeltje te water.

Langs de kant van het zwembad staan allemaal kratten met duikuitrustingen, alle keurig op maat uitgestald en klaar voor het grijpen. Iedereen tuigde zijn setje op en hoewel je eigen spullen vertrouwder voelen, was het prima apparatuur. Het zwembad is niet groot, zo’n 30 meter in het vierkant. Vooraan zit een brede trap waarlangs je het water in kan (en waag het niet om er naast in te willen want dat is slecht voor de tegeltjes, hé Remco). Onderaan de trap is een plateau van ongeveer 1,5 meter diep waar je dus rustig even je spullen in orde kunt maken. In de hoeken van het zwembad zitten twee gaten. Rechts een gat van 10 meter en links het gat van 34 meter met daartussen een soort grot met aan weerskanten luchtkamers. Het water is heerlijk warm en geloof mij nou als doorgewinterd watje, je hebt echt geen shorty nodig. Eenmaal aangekomen bij hét gat blijken we niet de eerste te zijn: als een soort op hol geslagen bubbelbad komt een wolk van bellen uit het gat, zo sterk zelfs dat afdalen lastig is door de opwaartse kracht van de bellen. Met wat extra inspanning lukt het dan toch en kan de lange tocht naar beneden beginnen. Door alle bellen wordt ook het licht van boven volledig gebroken en daal je af een in een relatief donker gat omdat er geen verlichting is aan gebracht in de wanden. Eenmaal beneden aangekomen zit een blik omhoog uit zoals de foto rechts. Je bodemtijd loopt rap terug als je daar op zo’n 34 meter diepte rondhangt en dus gaan we na een minuut of 5 weer beginnen aan de opstijging. Regelmatig moesten we uitwijken voor woest afdalende mededuiker die een crashlanding op onze rug wilde maken (een compliment voor de Gejo’ers: alle bijna-aanvaringen waren met “buitenstaanders”). Boven gekomen spelen we nog even in de luchtkamers totdat we door dame van Nemo op pertinente wijze het bad uit worden gedreven.

And, Ladies and Gentlemen of the Jury, your votes please…

Was het leuk? Ja zeker was het leuk, het is een leuke manier om eens een diepe duik te maken en de omstandigheden zijn er prima: het water is schoon, warm en niet gechloreerd, de ramen waardoor je vanuit het zwembad naar het restaurant kunt kijken zijn grappig, de luchtkamers zijn leuk om even mee te spelen, je hoeft niet te zeulen met je spullen, kortom een bezoekje waard. Wat er wel uitspringt is dat de organisatie op zijn zachts gezegd wat stroef en onvolwassen overkomt. Veel van de regels zijn begrijpelijk en nodig maar de vorm waarin de boodschap gebracht wordt is voor verbetering vatbaar. Laten we zeggen: leuk om er een keer geweest te zijn.

Duik 255 & 256: dinsdag 29 juni 2004
Liveaboard Zeeland