Op weg
And Bob's your uncle!

Nadat we om half 10, half 11, half 12, half 1, half 2, half 3, half, half 5 en half 6 wakker werden (noemen ze jetlag) werden we opgeschrikt door een stem over de intercom die iets heel onduidelijks zei over fire and clearing. Omdat er niets te zien of te horen was en de boodschap niet herhaalt werd, zijn we er maar vanuit gegaan dat er niets meer aan de hand was en zijn we rond een uur of 6 opgestaan. Onderweg naar de eetzaal was er ook niets te zien, iedereen zat gewoon te ontbijten dus zijn we maar mee gaan doen: TV aan, muffins, oploskoffie en aanmaak jus d’orange, kortom life in the American way. Na het ontbijt de bagage uit de kamer gehaald en door de portier de auto voor laten rijden. In de buitenwijken van Denver proberen we wat campinggasjes op de kop te tikken maar al zijn de shops groot genoeg om met de auto door te cruisen, geen gasjes. Daarom maar gas gegeven in de auto. Dat gas geven is wel heel beperkt, je geeft gas totdat je de juiste snelheid hebt, stelt de cruisecontrole in en klaar ben je. Nog af en toe een beetje bijsturen maar met de kaarsrechte highway’s is zelfs dat geen opgave. Jammer dat de airco niet geïnstalleerd is want het is toch al gauw zo’n 90° F (voor ’t gemak: -32 * 5/9 geeft Celcius) en dat is warm. In Nederland hadden we special nog verzocht om een auto met airco maar het boekje van Alamo laat allemaal plaatjes zien van dashboardknopjes die wij niet hebben.
Als de temperatuur nog hoger op loopt besluit Tanja de zaak te gaan regelen. Bij Vail wordt er gebeld: of hij geruild kan worden. De Alamo medewerker snapt niet hoe dat nu kan, een auto zonder airco, maar goed, hij verbindt ons door naar Aspen, de dichtstbijzijnde vestiging om daar alles piekfijn te laten regelen. Maar eerst nog wat gegevens want zoveel ellende verdient volgens de medewerker een tegoed bon als goedmakertje. Vervolgens worden we door geschakeld naar Aspen waar Tanja iemand aan de telefoon krijgt die zeker weet dat alle Eclipse modellen airco hebben. Hij adviseert ons om naar een garage te gaan en daar na te vragen hoe het zit. Terug in de auto vinden we het originele boekje van de auto en het knopje waarvan de Alamo gids van zegt dat het de achterruit verwarming zou zijn, blijkt in werkelijkheid de airco. Hierna bekoelt de situatie aanmerkelijk en rijden we door naar Grand Junction.
Daar vinden we een camping die beheerd wordt door een enorme nicht. Heupwiegen, handgebaartje, toontje, alles is gay maar ook erg behulpzaam. Hij belt rond voor ons om te zien of er iemand gasjes verkoopt en vindt ook iemand bij een Megamall verder op. We rijden er heen, vervoegen ons bij Mike van de campingspullen en met campinggasjes verlaten we de winkel. Intussen is het te laat en zijn we te moe om nog zelf te koken dus kiezen we uit een van de vele fastfood ketens die rond de mall gevestigd zijn. Naar buiten gaan vraagt wat innerlijke overtuigingskracht want de airco van het winkelcentrum draait op volle toeren en het temperatuurdisplay op de parkeerplaats geeft 104° F, ruwweg 42°C. Toch slapen we ’s nachts heerlijk, op wat rangerende en toeterende Union Pacific treinen na is er niets dat onze strijd tegen de jetlag verstoort. We slapen van half 10 tot 7, een record.


Op weg
And Bob's your uncle!